• nl

Het stijgen van de levensverwachting is vermoedelijk één van de belangrijkste verbeteringen van ons dagelijks leven in de afgelopen eeuw. Die ontwikkeling heeft mede tot gevolg dat het aantal werkende AOW-gerechtigden stijgt. Op 17 maart 2015 heeft de Tweede Kamer ingestemd met het wetsvoorstel “Werken na de AOW-gerechtigde leeftijd”. De Wet Werken na AOW-gerechtigde leeftijd is sinds 1 januari 2016 van kracht en moet het doorwerken voor AOW-gerechtigden aantrekkelijker maken. In dit artikel zal een aantal belangrijke wijzigingen beknopt worden toegelicht.

 

Beperking loondoorbetalingsplicht bij arbeidsongeschiktheid

De loondoorbetalingsverplichting voor werkgevers aan werknemers die de AOW-gerechtigde leeftijd hebben bereikt wordt beperkt van maximaal 104 weken tot maximaal 13 weken.

Let wel op: dit betreft een overgangsregeling. In de wet wordt een termijn van zes weken genoemd. In 2018 vindt een evaluatie van de wet plaats, waar wordt bekeken of de termijn van 13 weken daadwerkelijk zal worden teruggebracht naar zes weken.

Beperking opzegverbod tijdens ziekte

Het opzegverbod tijdens ziekte geldt, in plaats van de gebruikelijke 104 weken, voor slechts zes weken bij AOW-gerechtigden. Er geldt echter wel een maximum van twee jaar indien de ziekte is aangevangen vóór het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd.

 

Beperking re-integratieverplichtingen

Per 1 januari 2016 gelden minder zware re-integratieverplichtingen bij een arbeidsongeschikte AOW-gerechtigde werknemer. Zo geldt er bijvoorbeeld geen verplichting tot bevordering van passende arbeid bij een andere werkgever (het zogeheten “tweede spoor”) en hoeft een werkgever geen plan van aanpak op te stellen. De verplichting van de werkgever om de re-integratie van de werknemer in het eigen bedrijf te bevorderen, blijft echter wel van toepassing.

 

Verruiming ketenbepaling

Voor de ketenbepaling geldt dat de mogelijkheid met betrekking tot het aangaan van een tijdelijk contract met een gepensioneerde is verruimd. Voortaan geldt dat er ten hoogste zes tijdelijke arbeidsovereenkomsten mogen worden afgesloten (na het bereiken van de AOW-leeftijd) in een periode van maximaal vier jaar. Pas na die periode ontstaat een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd.

Hier geldt echter wel de voorwaarde dat alleen de arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd die zijn aangegaan ná het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd meetellen voor de ketenregeling. Ook moeten de periodes tussen de tijdelijke contracten zes maanden of korter duren. Bij een tussenperiode van meer dan zes maanden gaat er een nieuwe keten lopen.
Hoe zit het met betaling van de transitievergoeding?

Aan werknemers die uit dienst treden bij het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd, hoeft sinds 1 juli 2015 al geen transitievergoeding meer te worden betaald. Dit heeft te maken met de zorgplicht waarop de transitievergoeding is gebaseerd. Werknemers die een beroep kunnen doen op de AOW-uitkering zijn immers voor hun inkomensvoorziening niet meer afhankelijk van het loon dat zij bij een werkgever verdienen.

 

Conclusie

Met bovenstaande wetswijzigingen wordt beoogd om het voor werkgevers aantrekkelijker te maken om werknemers na het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd in dienst te nemen en te houden. Het versoberde arbeidsregime biedt werkgevers de mogelijkheid om bestaande belemmeringen weg te nemen en dat maakt het voor de werkgever een stuk interessanter om voortaan AOW’ers in dienst te nemen of houden!